Kerkgebouw

De Grote Kerk is nauw verbonden met de ontstaansgeschiedenis van de plaats Hoogeveen. Bij het begin van de vervening in 1631, door de Algemene Compagnie van de 5000 Morgen, werd vastgesteld dat een oppervlakte van 100 morgen veen inclusief ondergrond apart gehouden moest worden. De opbrengst hiervan was bestemd voor kerk, school en armen.

In 1652 startte de bouw van de Grote Kerk. Voorspoedig ging het allemaal niet: toen de kerk in 1658 werd opgeleverd, waren er nog zoveel gebreken dat de kerk pas in 1697 redelijk in orde was. De kerk had de vorm van een Grieks kruis met vier gelijke armen met in het midden een torentje, zonder klokken.

Het aantal kerkgangers groeide gestaag met Hoogeveen mee en al gauw werd de kerk te klein. In 1766 werd de westvleugel van de kerk flink vergroot, tot aan de huidige westgevel. Hierdoor ontstond een Latijns kruis, met drie gelijke armen en één lange arm. Op de nieuwe vleugel geplaatst werd een nieuw torentje geplaatst, nog steeds zonder klokken.

In 1801 en 1804 werd de Grote Kerk voor de tweede en derde maal vergroot. Hierbij kreeg de kerk haar huidige vorm, een driebeukige hallenkerk. In 1806 werd voor het eerst een klokkentoren geplaatst, op de plek waar deze nu nog zit.
In de negentiende eeuw werden aan de buitenzijde van de kerk nog enkele aanbouwen gemaakt, die later weer zijn afgebroken. Het gaat hier om een voorportaal aan de westgevel uit 1821 en een consistorie aan de oostgevel uit 1881.

Van 15 april 1967 tot 7 september 1969 werd de Grote Kerk voor het laatst ingrijpend gerestaureerd. Met name het interieur onderging hierbij een gedaanteverwisseling, waarbij de kerk de huidige open uitstraling kreeg.

Bron: L. Huizinga & A. Metselaar, 2002. Ter ere Gods - 350 jaar Hervormde 'Grote' Kerk te Hoogeveen

Bekijk deze flyer voor uitgebreidere informatie over de Grote Kerk.